Kleine Rituelen - Dag 8

Het was zondag, de derde dag nadat Jezus was gestorven. De leerlingen van Jezus zijn nog steeds in shock omdat hun goede vriend en leraar is overleden. En niet zomaar overleden, nee, vermoord. En niet zomaar vermoord door een stel criminelen, nee, door Joodse religieuze leiders. Hun beschuldigingen, hadden tot zijn proces en zijn veroordeling tot de doodstraf geleid. De leerlingen waren bang. Hoe snel hadden de Joodse leiders zich tegen Jezus gekeerd? Stonden zij nu op de lijst om aangeklaagd en vermoord te worden?

 

Doodsbang zitten ze bij elkaar in een huis. Iedereen is muisstil en de deur is op slot. Als de politie langs zou komen, zou niemand de deur opendoen, hadden ze met elkaar afgesproken.

 

Terwijl sommigen verdrietig en stil op de bank zitten, praten anderen zachtjes met elkaar in de keuken. Maar dan, geheel onverwachts en tegen alle wetten van de natuurkunde in … staat Jezus in de kamer. ‘Wees blij!’ zegt hij ‘Ik wens dat het jullie goed gaat’. Vreemd genoeg vraagt in eerste instantie niemand zich af wat er nu precies gebeurt. Iedereen is blij om Jezus te zien en hij ziet er zo springlevend en krachtig uit, dat niemand eraan twijfelt of hij misschien een spook of een zombie is. Jezus zegt op gebiedende toon: ‘Ontvang hemelse energie en levenskracht’ en dan voelt iedereen zich opgewekt en gelukkig.

 

Een van Jezus leerlingen, Tomas, was er niet bij toen Jezus verscheen aan de leerlingen. En als ze aan hem vertellen dat Jezus levend is en hen bezocht heeft, wil hij het niet geloven. Tomas baalde als een stekker, want hij wist dat het waar moest zijn. Zijn vrienden zouden hem niet met zoiets voor de gek houden. Vanaf nu ga ik bij de groep blijven, had Tomas zichzelf voorgenomen. Hij zou het niet nog een keer laten gebeuren dat Jezus de groep bezocht terwijl hij er niet bij was.

 

Acht dagen lang moest Tomas wachten. Gek werd hij van de blije verhalen van de anderen over hun ontmoeting met Jezus. Maar na acht dagen stond Jezus weer, vanuit het niets, in dat huis en deze keer was Tomas erbij. Meteen richtte Jezus zich tot Tomas: ‘Kijk Tomas, ik ben het echt, zie je de wonden in mijn handen en voeten, op de plekken waar de Romeinse soldaten de spijkers doorheen geslagen hebben toen ze mij kruisigden? Zie je de wond in mijn zij, toen ze daar een speer in staken om te checken of ik echt dood was? Hier, voel maar, ik ben geen spook, ik ben het echt!’

 

Maar Tomas hoefde al niet meer. Hij wist net zoals de apostelen acht dagen daarvoor, dat Jezus hier echt voor hen stond. ‘Ik hoef niets aan te raken hoor Jezus,’ zei Tomas, ‘nu ben ik overtuigd dat je bent God bent, ik zie het duidelijk. Mijn ogen houden me niet voor de gek’.

 

Jezus zegt: ‘Fijn dat je nu gelooft, Tomas. Maar gelukkig zijn de mensen mij niet kunnen zien en toch geloven dat ik ben opgestaan.’ Het klinkt niet echt als een compliment, voelt Tomas. Maar hij snapt wel wat Jezus bedoelt en heel erg vindt hij het ook niet om zo voor zijn vrienden een correctie te krijgen. Tomas is vooral blij dat hij Jezus nu ook heeft gezien.  Al spelen er nog wel 1001 vragen door zijn hoofd over hoe deze verschijning nu eigenlijk plaats heeft kunnen vinden.

Deze hervertelling is geschreven door Mattias Rouw.

Meer weten over Kleine Rituelen

We vertellen je meer over het boek Kleine Rituelen –> hier.